Column Kees Verhoeven

Directeur MKB-Amsterdam

Over lobbyen en netwerken                                                 4 februari 2009
 
De economische crisis teistert ook (regio) Amsterdam: het vertrouwen van consumenten is zoek, omzetten van bedrijven staan onder druk en banen van mensen op de tocht. Met het oog op deze negatieve spiraal hebben wij afgelopen week een pakket van negen maatregelen gelanceerd: Kijk voor dit bericht bij het laatste nieuws. Daarin benoemen we wat de gemeentelijke overheid kan doen om burgers en bedrijven door deze crisistijd heen te helpen.
 
De belangrijkste reden om in het midden –en kleinbedrijf te investeren, is om zoveel mogelijk mensen aan het werk te houden. Daarom pleiten wij voor kredietverlening en borgstelling; mobiliteitscentra en loonkostenverlichting, maar ook: duurzamer energiegebruik; eerlijkere aanbesteding; een verruimde kansenzone; het bevriezen van lokale lasten; schone, veilige en bereikbare stadswijken en het voorrang geven van bouwprojecten op zogenaamde ‘breekprojecten’ (openbare werken).
 
Hoe goed ontvangen ook, sommige critici stellen dat dergelijke maatregelen een hoop geld kosten, maar dat geldt natuurlijk des te meer voor uitkering en inburgering. Dit terwijl participatie en integratie van mensen nu juist op de werkvloer plaatsvindt, dus daar moet geld heen. Ook scholing is onlosmakelijk onderdeel van het arbeidsproces. Juist nu is de mogelijkheid van om- of bijscholing cruciaal, terwijl overtallig personeel een unieke gelegenheid krijgt om extra onderwijs te volgen.
 
Maar het belang van goede opleiding betaalt zich toch vooral op langere termijn uit, ongeacht het niveau. Daarom zijn wij beschikbaar voor sollicitatietraining op (V)MBO scholen, initieerden wij het eerste Amsterdamse Technasium (een praktische techniekopleiding voor VWO-ers), zijn wij nauw betrokken bij het MKB-lectoraat (een leerstoel ondernemen) op de Hogeschool van Amsterdam en verzorgen wij desgevraagd college voor universiteiten.
 
Zo gaf ik laatst college voor de minor ondernemerschap van de Vrije Universiteit (VU). Deze minor duurt een halfjaar, is onderdeel van de eerste drie jaar (bachelor) en kan gekozen worden door -in ondernemerschap geïnteresseerde- studenten uit allerlei studierichtingen. Niet de aspecten van bedrijfsvoering staan centraal, maar de (macro)omgeving van bedrijf en ondernemer.
 
Mijn college ging over lobbyen en netwerken. Als ervaringsdeskundige heb ik geprobeerd de –overigens enthousiaste en oplettende- studenten enige spelregels van succesvol lobbyen bij te brengen. Zo heb ik uitgelegd waarom macht geen vies woord is; dat draagvlak en symboliek belangrijker zijn dan inhoud; dat meningen ook feiten zijn; dat het niet om je kennis gaat, maar om wie je kent; dat een aureool van autoriteit maakt dat men luistert; dat je hard op de inhoud kunt zijn zolang je zacht blijft op relatie; dat je eigenbelang gebaat is bij oog voor andermans belang; dat ‘frapper toujours’ (herhalen) werkt tot het moment van ‘cry wolf’ (negeren); dat een compromis onvermijdelijk is en dat je bij het vormen van allianties moet zorgen dat er geen kikkers uit de kruiwagen springen.
 
In het tweede deel heb ik vier hoofdtypen netwerken geschetst:
  • Latente netwerken, zoals intieme kringen van familie, vrienden, kennissen en collega’s; anonieme bestanden via zoekmachines of in de Gouden Gids; situationele groepen die toevallig bijeen zijn in dezelfde openbare ruimte; digitale –complementaire- netwerken zoals LinkedIn of twitteren
  • Leidraadnetwerken van allerlei professionele organisaties die ondernemers bijstaan: van belastingdienst tot bankbedrijf en van gemeente tot KvK, maar ook private leveranciers van telefonie of energie, de politie en instanties als het UWV
  • Lifestyle netwerken, bijvoorbeeld gebaseerd op een persoonskenmerk. Zoals Turkse ondernemers, vrouwengenootschappen of Jong MKB. Maar ook meer exclusieve verbanden waar je voor gevraagd moet worden zoals Rotary's of de Groote Industrieele Club. Hier kun je ook denken aan netwerken rondom secundaire activiteiten (politiek, passie, overtuiging, sport, hobby) zoals vrijwilligerswerk of bestuurlijke functies
  • Lobbynetwerken, zoals lokale collectieven in winkelstraten of op bedrijventerreinen. Voor belangenbehartiging op nationaal en Europees niveau zijn er de talloze brancheorganisaties en ondernemerskoepels zoals VNO-NCW en MKB-Nederland.

Hopelijk blijkt ons eigen lobbynetwerk in de stad Amsterdam krachtig genoeg. Want, als gezegd, aan de inhoud van ons pakket tegen de crisis zal het niet liggen!

Kees Verhoeven, 4 februari 2009