Column Kees Verhoeven

Directeur MKB-Amsterdam 


Een cijfer voor Amsterdam                                         18 november 2008
 
Het Amsterdamse stadsbestuur is over de helft van haar vierjaarlijkse bestuurstermijn. De gemeenteraadsverkiezingen waren immers op 7 maart 2006 en het programakkoord 2006-2010 van het College van Burgemeester & Wethouders (B&W) dateert van 13 april 2006. Een goed moment om een tussenbalans op te maken, te meer daar op 8 oktober 2008 de ‘financiële beschouwingen’ (de Amsterdamse Prinsjesdag) plaatsvonden.
 
Voor een goedgevulde raadszaal nam Burgemeester Cohen de “Staat van de Stad” op, waarna wethouder Asscher (financiën) de begroting voor het jaar 2009 toelichtte. Vervolgens waren er politieke beschouwingen waarbij de voorzitters van alle raadsfracties niet alleen reageerden op de gemaakte beleidskeuzes, maar tevens terugblikten op de afgelopen twee jaren. Centrale vraag: wat heeft het stadsbestuur bereikt voor burgers en bedrijven in Amsterdam?
 
Al een paar weken eerder mocht ik deze vraag beantwoorden, toen VVD-fractievoorzitter Eric van der Burg mij in zijn wekelijkse radioprogramma “Eric Actueel” vroeg een rapportcijfer te geven voor de prestaties van het College. Bij wijze van strenge schoolmeester gaf ik een 6-. Een voldoende dus, maar het houdt niet over. Veel mensen die dit hoorden, vonden het nogal zuinig. Hoe kwam ik uit op zo’n mager cijfer?
 
Om misverstanden te voorkomen, mijn oordeel staat los van het feit dat we momenteel een zogenaamd ‘Roodgroen College’ hebben. MKB-Amsterdam is een objectieve en onafhankelijke belangenvereniging die politieke kleurenblind is. Wij beoordelen de overheid louter op inhoudelijke prestaties, vrij van politieke voorkeuren. Daarbij, een 10 of een 9 is per definitie onmogelijk omdat dit zou betekenen dat het bedrijfsleven op alle punten geheel tevreden is. Dat is gezien het positiefkritische karakter van Amsterdamse ondernemers onmogelijk, maar het zou ook zeer onwenselijk zijn. Het stadsbestuur dient vele uiteenlopende belangen af te wegen en mag daarbij nooit een doelgroep volledig op zijn wenken bedienen.
 
Een 8 of een 7 was weer wel haalbaar geweest, maar helaas; daarvoor heeft het college op een paar belangrijke punten te weinig ruimte geboden aan ondernemerschap. Een paar voorbeelden.
 
Allereerst hakt het milieu- en klimaatbeleid er stevig in. Natuurlijk, het is een goede zaak dat de wethouders Herrema en Vos zich hard maken voor verminderde uitstoot van schadelijk fijnstof en CO2. Echter, in de nota Voorrang voor een Gezonde Stad zijn maatregelen opgenomen die de balans tussen economie en ecologie doen doorslaan: wel milieuzones voor vracht- en bestelwagens met sterk verhoogde parkeertarieven maar (nog) geen substantiële uitbreiding van het OV-net (verder, vaker, fijner, later).
Op klimaatgebied is er goede samenwerking, alleen lijkt binnen het gezamenlijke Actieprogramma Nieuw Amsterdams Klimaat de inzet van de gemeente achter te blijven bij die van het bedrijfsleven. Daardoor dreigen kansrijke initiatieven (de schone vrachttram van City Cargo of een Energiefonds voor het mkb) alsnog een vroege dood te sterven.
 
Een tweede issue is het aanbestedingsdossier. Ondanks herhaaldelijk aandringen blijft de gemeente Amsterdam ‘geclusterd’ aanbesteden. In plaats van vele kleinere overheidsopdrachten worden een paar hele grote pakketten in de markt gezet. Het gevolg is dat de hieraan gestelde eisen (enorme voorfinanciering, ervaring met opdrachten van soortgelijke omvang) dusdanig zijn dat de drempel voor kleine en middelgrote bedrijven te hoog is. Dit is niet alleen slecht voor het mkb, maar ook voor de overheid zelf. Van gezonde marktwerking en concurrentie is op deze manier natuurlijk geen sprake.
 
Tsja, zo bekeken daalt het cijfer al snel onder de rode streep. Maar een onvoldoende zou onterecht zijn want er gebeuren ook goede dingen. Zo werkt de gemeente hard aan de positie van Amsterdam op de Europese ranglijsten via het programma Amsterdam Topstad. En dit jaar is er een subsidieverordening veilig ondernemen gekomen: ondernemers die investeren in de veiligheid van hun bedrijf kunnen de helft van het aankoopbedrag terugkrijgen.
 
Oké, een zesje dan, discussie gesloten zou je zeggen. Maar vorige week presenteerde MKB-Nederland de uitslag van haar verkiezing meest ondernemersvriendelijke gemeente van Nederland…Amsterdam stond op de allerlaatste plaats.
 
Weliswaar geflatteerd, maar toch: het Amsterdamse stadsbestuur heeft het komende anderhalf jaar nog een wereld te winnen!

Kees Verhoeven
18 november 2008